zondag 12 juli 2009

zomaar wat kleur op reserve

je neemt als dunne drab 
een plaats in
dit leven kleurt het
donker en ongefilterd

kruipt er soms even
een glimp van licht langs
dat de bovenlaag valer drogen doet
dan daaronder stalen laarzen druipen
op een bed van zijde

je zinkt achter je moed aan
zoals een schoen prachtig blijft drijven



© Dio tha Cilany

een kaalslag

het was de derde nacht

ik dipte paprikachips in zelfbereide knoflooksaus
op basis van mayo en magere yoghurt

meer verslavend dan house
of de herhaling van inspector Morse op tv

achter het beeldscherm van de pc
een onaf gedicht gezien

dan krab ik de schors
van mijn paradepantser

in het eerste licht uit het oosten



© Dio the Cilany

woensdag 3 juni 2009

beurs

wij drapeerden doeken rond ons hoofd
onaangedaan plantte ik louter woestijn om je heen

we missen jaren waarin mijn palmen verschroeien 
en ik wijs met meer dan een vinger naar jou

het is die bedrieglijke eenvoud van vogels



© Dio the Cilany

zondag 17 mei 2009

prijs en loof

we naaien rozen 
aan bladeren van de koude grond

over daken speelt rook 
van lang geleden alleen rond de top 

er kringelt een spoor van euforie 
in een feestelijk lint
waarmee wij bedelaarshanden binden



© Dio the Cilany

op en onderweg

mal, maar ongevormd
vervult het verval van afwezig

gebroken wolken listig gespleten
in een flits van onachtzaamheid
verdonkeremanen het spaarzame licht

de glazige man met spiegelei
omhoog en stil tegen de stroom in
gaat bestemming ombestemd
en toch onverwijld 



© Dio the Cilany

kort gepeins over de penis

tussen

ik peins
en 
ik penis

of

ik peins 
mijn penis

en 

ik peins
jouw penis

ligt een verschil

anders dan

hij peinst
mijn penis

of 

zij peinst 
mijn penis

dan wel 

man peinst
zijn penis

en

vrouw peinst 
zijn penis

mist een wereld



© Dio the Cilany

donderdag 30 april 2009

wij mennen maar wolken

wij hemelbestormers vieren
soms natuurlijk de teugels

overvleugelen elke kleur
en leveren een streek 
die niemand vaart op compassie

bij gelegenheid 
kan de borst opzwellen
in onze ogen



© Dio the Cilany

najagen van nep in nadagen

valse vis verstout het net met paskwil
een kooi, een groeve, een kuil in verval
van grote hoogte tot in het stroomdal
speelt men om niet met vormvast overkill

glibberig, als iets niet meer dan een gril
staat de teerling met feestdagen op stal
bevolken schapen en gapers de hal
tot eer van de heerser opvallend stil

kan de spijtoptant zijn kont niet keren
zijn spleet vermag niet voor- of achteruit
noch het zwart als kolengruis vereren

deemoed door achterklap zoals verluid
strijkt hij moedeloos zijn struise veren
verdeelt passioneel de schrale buit



© Dio the Cilany

zaterdag 25 april 2009

is er oud

diep onder onze onttakeling
ligt niet meer dan hard gelag
op de vlucht
voor de beitelende kabouter

die in een zucht en een bochel
ons laag voor laag ontrafelt
tot minder geruis dan voorheen

en noten voor nieuwe muziek
luisteren niet zo nauw



© Dio the Cilany

woensdag 22 april 2009

waar eerder een oude kast

onbezwangerd sluiert het geruis van nachtleven
uit het openstaande bovenlicht
vermengd met stichtelijke klanken
van een vroege onheilsprofeet

sluipt met netkousen door het venster
van de bar hooggehakte man
voor de onlangs geopende kast
waar in het verleden duizend lijken

danst onbekommerd de paal
alsof het de laatste is
en proeft het nieuwe zaad



© Dio the Cilany

woensdag 15 april 2009

speelbal van een dorpsgek

een zweem van verbeelding
vermengt mij met haar bloed

van te voren goedgelovig
speelt een geur van even geleden
langs de kleuren van verdoving
in mijn ontvankelijkheid

ik sleutelde al eens een dag
aan de gedachte 



© Dio the Cilany

nog een dag

we voelen ons 
de kop omgeven met een waas
geweven door een nevel
van fijn geronnen stof

het blijft alleen van binnen
bewogen zonder wereld 

gesponnen in een web van ondoorzichtigheden
pluist de geest, verwaait in de wind
en danst de dag achterwaarts



© Dio the Cilany

zaterdag 4 april 2009

drog

een vlucht beroert zijn veren
in te veel bevlogen woorden

spelen wijzers met de tijd
als ik even moet wachten

weerkaatsen opgeworpen balletjes
tot een open deur
de andere gesloten houdt



© Dio the Cilany

op het eind

om mij is een muur opgetrokken
daar behoeft niets aan toegevoegd
behalve zijn eigen schaduw

daar verbrokkelen tanden
knarsen kalklijnen als zij elkaar kussen
verzamelplaats van momenten lijken
waar de dood hen kleurrijk verweert



© Dio the Cilany

zondag 29 maart 2009

over datum

kijk

ons onopgemaakte bed
en deuren stil beduimeld

kleur van oude sporen
ramen ondoorzichtig
geur van het toilet

koelkast kleurt als oude kaas
nieuwe schimmel op de vaat
duizend dingen over datum

en ik

op zoek
tot de allerlaatste kroeg
en tenslotte
jou verdrinken



© Dio the Cilany

zondag 15 maart 2009

af en gedaan

scheur je naam uit
die verdien je niet te dragen

evenals een zwarte roos
geen bloed vermag
staren je blinde ogen
zoals je ter aarde kwam

anoniem en mooi in aanvang
monster zonder waarde


© Dio the Cilany

woensdag 11 maart 2009

en dan

ik beroer het water
om mijn spiegelbeeld

het komt terug in uitdovende golven
onveranderd kijk ik toe vanuit de diepte

naar de wolken
die zich samenpakken achter mij
als wild driftende panelen
voortdurend volmaakt en dan de nacht


© Dio the Cilany

zondag 8 maart 2009

zomaar ooit ergens

de paraglost neemt
er maar één of twee
vleemt een bek met stremsel
waarmee de nek zonder bulten

pergonzola verwekt in druppels
slurft uitgelubberd langsheen
beweent het gebeente
sleept gul
verpulverde steenbloemen aan

waar een late bastaard nachthoer
konkelefoest in kluisterklanken
verdonkeremaant hij een zuivere lichtekooi


© Dio the Cilany

vrijdag 6 maart 2009

hetzij-lijstje

zij is van hoogpolige pokdaligheid
en sluivert langzaam een gootje in
gij slakkenslaaf
grachtengordeldier
legebuidelkangeroe
vol smuichelgal

gij

zelfreinigende ontlasting
vindt uw beslag
in algenrijk groen


© Dio the Cilany

maandag 2 maart 2009

gerede angst voor de aankomst

18.24

ik stuur een memo
naar de andere kant

het is in golven dat ik kom
onbewust, gebutst, gekneusd
wel aan land maar nog steeds verankerd
het licht gezien alleen de kou

ik ben gewogen en bezwaard
aan weerszijden van de zelfkant

er is geen sterven tegen op gewassen
naar het schijnt voor altijd
als de dood voor het leven

om
18.23